
Column Jan Zwemer: Niks nieuws onder de zon
Algemeen 216 keer gelezen‘Duitse fregatten veel duurder dan gepland’ kopte het provinciaal nieuwsblad een maand geleden. Raar dat KMS De Schelde niet werd genoemd, al was bij de vertraging vooral Damen betrokken. ‘De scheepsbouwer in Vlissingen heeft ruime ervaring en leverde eerder marineschepen aan onder meer Nederland en Griekenland’, aldus de krant.
Wat nuancering had wel gemogen. Tientallen fregatten voor de Nederlandse Marine en Griekenland werden immers door De Schelde gebouwd - lang vóór de overname door Damen in 2000.
Het artikel ging vooral over de vertraging van het fregattenproject waaraan Damen in 2020 begonnen was. Het was bekend geworden dat de ambtenarij van de opdrachtgever, Duits en dus grondig, zo bureaucratisch opereerde dat er van stroperigheid werd gesproken. Alles moest, ouderwets, op papier worden aangeleverd en niet digitaal, zoals de partners blijkbaar gewend waren. De wet van de remmende voorsprong: de Duitsers waanden zich dé scheepsbouwers. Waarom dan moderniseren?
De geschiedenis herhaalt zich. Ik herinner me een ander samenwerkingsproces, begin jaren zestig in NAVO-verband. Zes Nederlandse fregatten van de Van Speijk-klasse, later deels gebouwd bij De Schelde en deels bij NDSM in Amsterdam. Ze werden ontworpen bij het teken- en ontwerpbureau Nevesbu in Den Haag. Helaas voor het uiterst moderne Nevesbu moest vanwege het NAVO-verband worden getekend op basis van een ouder Engels ontwerp, de fregatten van de Leander-klasse, waaraan de Nederlandse Marine allerlei aanpassingen wilde. Toen in 1963 de tekeningen uit Engeland overkwamen bleek maar liefst driekwart ervan onbruikbaar. ‘Het overige kwart moest deels opnieuw worden getekend, omdat op de Britse tekeningen de maten maar summier waren aangegeven en ze daardoor niet bruikbaar waren… Het minder geavanceerde Britse werksysteem spoorde dus niet met het Nederlandse, met veel extra tekenwerk als consequentie.’ De laatste zinnen komen uit ‘De stille kracht achter maritieme ontwerpen. Nevesbu sinds 1935’. Van dat boek (2025) schreef ik driekwart van de tekst.




















