Uit geserveerd
‘Wist je dat de … al 40 jaar in Middelburg zit?’, klinkt de radioreclame. Op de puntjes de naam van een interieurwinkel die een feestje te vieren heeft. Ja – ik wist het.
Veertig jaar terug woonde ik er vlakbij, na mijn eerste terugkeer uit de studentenwereld. Onderdak bij een van de huisjesmelkers die in de binnenstad panden opkochten en dan vijf, zes of zeven kamers verhuurden. Om de jongelui te helpen, zoals mijn huisbaas me eens uitlegde.
Ik had al een keer een mooie decoratieve lamp gekocht bij de pas begonnen interieurwinkel. Misschien was het toen dat ik een tafeltje op wieltjes zag. Of was het een kastje? Ik knielde erbij neer en de meneer van de winkel hielp me uit de droom. Het rijdbare dingetje met een wit bovenblad en elegant gebogen zijkanten was bedoeld om er dingen mee te serveren. Eten of een drankje met iets erbij of zo. Nooit van gehoord. Maar ik was wel geïnteresseerd.
Vaag herinner ik me – het is al even geleden – dat ik mijn interesse in het Zeeuws kenbaar maakte. Ik was toch niet voor niets uit Amsterdam naar onze eigen hoofdstad terugverhuisd? ‘Ik weune kortbie’, deelde ik opgewekt mee. ‘Ik ben zo terug hoor. Even wat opmeten.’
In mijn kamer pakte ik een rolmaatje, deed een opmeting en haastte me terug naar de winkel. Opnieuw knielen bij het serveerkarretje, rolmaatje uit de broekzak, de afstand tussen boven- en onderblad gemeten. Ja hoor, het klopte.
Meneer en nu ook mevrouw interieur bekeken me hoopvol, maar ook wat bevreemd. Ik hielp ze al gauw uit de droom. ‘Het klopt, ik dacht het al. Mijn elpees kunnen er precies tussen. Die wieltjes haal ik er wel af.'
Wat voor gezichten de twee precies trokken weet ik niet meer. Dat ze lang niet zeiden wat ze dachten was wel duidelijk. Maar handel is handel, verkocht was verkocht. Tientallen jaren had ik mijn tachtig (of zo) elpees keurig naast elkaar in dat mooie witte ‘rekje'.
Trouwens, die kleurige decoratieve lamp heeft wel zes verhuizingen meegemaakt. Bij onze vorige verhuizing wilden de nieuwe bewoners hem graag hebben. Klasse!